Voor 15.00 uur besteld, dezelfde dag verstuurd
Gratis verzending vanaf €29
Niet goed, geld terug

Wildverzameling van honeybush is de afgelopen jaren sterk toegenomen. In 1997 werd er nog ongeveer 30 ton verwerkt. Een hoeveelheid die hoofdzakelijk toekwam aan de lokale vraag. Dit is vergelijkbaar met ca. een kopje thee (2,5 gram / kopje) per week, voor het hele jaar, voor 225.000 mensen. Een weerspiegeling van 0,5% van de Zuid-Afrikaanse bevolking (45 miljoen). Sindsdien is de groei niet meer gestopt. Bereikte het in 2000 nog ca. 160 ton, in 2004 zat het al over 300 ton. De reden van deze snelle groei is een toenemende vraag uit internationale markt. Alhoewel er ook vanuit het binnenland sprake is geweest van een substantiële consumptiegroei.

Het grootste deel van de honeybush-thee wordt nog steeds in het wild verzameld. Teelt is echter hoog nodig geworden om in de snelle toename van de vraag te kunnen voorzien. Hiernaast was er ook vraag naar een meer uniform product. Daarom vormde in 1998 een groep boeren de Zuid-Afrikaanse Honeybush Producers Association (SAHPA). In het 2001 was de eerste grootschalige plantage van honeybush in de stad Haarlem, een feit.

Productie: hoe wordt honeybush gemaakt?

Van de 20+ soorten Cyclopia zijn er slechts 2 geschikt bevonden voor grootschalige teelt. Voor commerciële teelt van honeybush wordt voornamelijk de honeybush soort Cyclopia intermedia gebruikt, en, in beduidend mindere mate, de Cyclopia subternata. Traditioneel wordt honeybush thee geoogst tijdens de bloei, hetzij in de vroege herfst of late lente, afhankelijk van de bloeiperiode van de soort.

De productie van honeybush-thee bestaat uit vier stappen:

  • oogsten,
  • snijden,
  • fermentatie en

Oogst

Wildverzameling duurt vaak dagen omdat veel van de planten in bergachtige gebieden groeien. Gecultiveerde teelt maakt de oogst veel gemakkelijker. De honeybush struiken worden bij de grond afgesneden. Dit omdat dit toekomstige teelt vergemakkelijkt. De plant ontspruit namelijk weer gemakkelijk vanaf de wortelbasis.

Struiken die eerder zijn geoogst, geven bovendien betere kwaliteit. De stelen zijn namelijk zachter en kennen een hogere blad-steelverhouding. Oudere, minder goed beheerde planten geven juist vaak te grove kwaliteit door de dikkere takken en stengels. In het ideale geval worden de planten elke twee tot drie jaar geoogst. Cyclopia struiken die zijn gegroeid in een gebied dat is blootgesteld aan vuur vertonen meer groei en hebben meer bloemen, en geven dus goed materiaal voor het maken van thee.

Snijden & fermentatie

De verzamelde struiken worden naar de fabrieken gebracht waar ze eerst worden gesneden door gemechaniseerde voedersnijders. Het versnijden zorgt voor een betere fermentatie, een proces dat het kruidenmateriaal donkerbruin maakt. Bladeren die niet voldoende zijn gesneden behouden vaak een groene tot lichtbruine kleur.

Tijdens de fermentatieperiode verandert het materiaal van groen naar donkerbruin en ontwikkelt het een zoet aroma. Er worden twee methodes voor de fermentatie van honeybush thee gebruikt:

  • in de zon
  • in een oven.

Bij de productie van grote hoeveelheden wordt er gebruik gemaakt van de zon. Dit is tevens de meest gebruikte methode, ook toegepast bij de fermentatie van rooibos. Hiervoor wordt de honeybush op een ovaalvormige vult van ongeveer 4-5 meter in diameter en 2 meter hoog, geschoven. Per bult wordt zo’n 1,5 - 2,5 ton groen honeybushblad gebruikt. Na de bult stevig in te pakken met canvaszakken, wordt met de kracht van de zon in drie dagen tijd fermentatie mogelijk gemaakt.

Vanaf de derde dag wordt de hoop om de 12 uur gedraaid om ervoor te zorgen dat de buitenste, koelere gebieden worden gemengd met de rest van het materiaal. Dit voorkomt ook zuurstofverwijdering in de hoop. De hoop wordt na 3-5 dagen fermentatie geïnspecteerd, afhankelijk van de gebruikte soort. Als een zoet, honingachtig aroma aanwezig is en het materiaal een donkerbruine kleur heeft, wordt de hoop in een dunne laag op doek uitgespreid en in de zon gedroogd. De thee duurt normaal gesproken 1-2 dagen om te drogen.

Het gebruik van een voorverwarmde oven geeft een product van betere en meer constante kwaliteit, omdat een meer precieze controle over de temperatuur van het fermentatieproces mogelijk is. Verder zijn kortere fermentatieperioden (slechts 24-36 uur) nodig om volledig gefermenteerde thee te verkrijgen. Bakovens worden al meer dan 100 jaar gebruikt. Oorspronkelijk werd het materiaal voorverwarmd door verbranding met heet water en de trommels die als ovens werden gebruikt, werden voorverwarmd met hete kolen voordat ze het kruidenmateriaal (in zakken) erin legden. Meer geavanceerde technieken worden vandaag gebruikt. Net als bij de bereiding van de pekelhoop wordt de thee na de gisting in de zon gedroogd.

Het eindproduct wordt door een roterende cilindrische zeef gedraaid om alle stukken dikker dan een lucifer te verwijderen. Het fijnere theemateriaal wordt gebruikt voor het maken van theezakjes, terwijl het grovere materiaal in bulk wordt geleverd voor losse thee.