Voor 15.00 uur besteld, dezelfde dag verstuurd
Gratis verzending vanaf €29
Niet goed, geld terug

In veel oude culturen staat mirre bekend als de geur of zinnelijkheid van de aarde. Mirrehars is donkerbruin van kleur, een beetje zoals karamel en produceert bij verbranding een aardachtige, bijna dennenachtige geur. Het staat bekend om de kalmerende eigenschappen. Het is bijvoorbeeld goed toe te passen als je even weer stevig met beide voeten op de grond moet staan of juist zorg en comfort moet bieden aan anderen. Aan mirre wordt ook vaak zintuigprikkelende eigenschappen toegedicht. Mirre is verder goed samen te mengen met andere wieroken zoals zoals benzoë, aloë vera en sandelhout.

Mirre wordt gewonnen uit verschillende soorten van het plantengeslacht Commiphora, zoals C. momol, C. myrrha en C. abbyssina. De ruwe hars wordt bewerkt door middel van stoomdestillatie: het eindresultaat is een dikke lichtgele olie met een warme, kruidige, zoetige en enigszins rokerige geur. Gestookt brengt mirre een zware geur voort. Bittere mirre is vrij gemakkelijk verkrijgbaar, in tegenstelling tot zoete mirre (jahwee). 

Samen met frankincense komt mirre vaak voor in de Bijbel. Zo was het bijvoorbeeld een van de geschenken die door de drie koningen aan het kindeke Jezus werd geschonken. Het wordt beschouwd als een vrouwelijke geur. In tegenstelling, frankincense is mannelijk. De Egyptenaren waren ook grote gebruikers van mirre, met name voor balseming en rituelen van genezing en bij het heengaan.

Mirre komt als wilde plant voor in droge woestijngebieden. Het komt oorspronkelijk uit Somalië, waar men het "molmol" noemt. Het is tegenwoordig te vinden in Noord-Somalië, Ethiopië, Arabië, Jemen, Zuid-Afrika, Saoedi-Arabië, het Midden-Oosten en India. Vooral in Ethiopië en Zuid-Arabië worden de struiken tegenwoordig op commerciële basis in plantages gekweekt. De mirreboom groeit op rotsachtige hellingen, kale en droge locaties. De boom kan tot 10 meter hoog worden en heeft knoestige, schaars bedekte takken. Elk jaar produceert een mirreboom ongeveer 4kg hars.

Via insnijding van de stam wordt de korrelige hars verzameld. Bij de zeer hoge woestijntemperaturen sijpelt de zacht geworden hars vanzelf naar buiten. Het oogsten van de hars vindt vooral in de heetste maanden van het jaar plaats; in juli en augustus. De harsgangen lopen langzaam leeg en na de aansnijding moet de plant zes tot vierentwintig maanden met rust gelaten worden. Anders droogt de plant uit en sterft. De hars wordt gedroogd en gedestilleerd voor de olie. Voor de beroemde mirretinctuur wordt de hars opgelost in alcohol.