Voor 15.00 uur besteld, dezelfde dag verstuurd
Gratis verzending vanaf €29
Niet goed, geld terug

De rooibosplant Aspalathus linearis is een plant uit de vlinderbloemfamilie Leguminosae. Een geslacht wat uit meer dan 2.000 soorten bestaat. De plant groeit overigens alleen in Zuid-Afrika. Sterker nog, alleen in de Cederberg regio. Van alle soorten is de rooibosplant Aspalathus linearis de enige van alle 2.000 soorten die is te gebruiken voor thee. Ontdek hier wat rooibos nog meer is.

Hoe de rooibosplant er uitziet

De plant is een heesterachtige struik met een centrale stam. Dichtbij de grond splitst de stam zich op in verschillende uitlopers, gevolgd door zijtakken met afzonderlijke of in bosjes gevormde, zachte naaldachtige bladeren. Eenmaal volwassen behaalt de plant in het wild een hoogte van 1 tot 2 meter. Gecultiveerd wordt de rooibos plant echter laag gehouden, tot op zo´n 0,5 meter. De plant heeft zich in de loop van eeuwen aangepast aan het dorre klimaat van de Cederberg regio in Zuid-Afrika.

rooibos-2.png

Klimaat & teeltregio

Zoals gezegd heeft de rooibosplant zich volledig aangepast aan het dorre klimaat van de Cederberg regio. In de Westkaap kan tijdens de winter de temperatuur naar het nulpunt dalen en tot meer dan 45 graden stijgen in de zomer. Zoals je wellicht op je klompen al aanvoelde, tijdens de winterperiode valt de meeste regen.

Neerslag schommelt tussen de 180 en 500 mm per jaar. Minder waarschijnlijk is dat er geen irrigatie wordt toegepast, terwijl de rooibosplant geregeld wordt bloot gesteld aan zeer droge periodes. Het overlevingsmechanisme van de geharde struik valt vooral terug op de lange penwortel die tot 3 meter diep de grond ingraaft op zoek naar goed gedraineerde, koele, zanderige grondlaag met een hoge zuurgraad.

Het verhaal van rooiboszaden

Ondanks dat de plant een gebied nodig is waar de nodige neerslag valt tijdens de wintermaanden, begint de plant pas in de lente te groeien. In de zomer versnelt de groei, waarna deze in de herfst weer afneemt.

Tijdens deze groeicyclus bloeit de plant in oktober. In deze maand is de plant bedekt met kleine gele bloemetjes. Vergelijkbaar met boterbloempjes. Elke bloem produceert één kleine peulvrucht waarin één zeer klein, licht gelig, hard zaadje in zit. Tegenwoordig worden de zaden gewonnen door het zand rondom de plant te zeven.

Het zeven van zand is een vrij recente ontwikkeling. Het groot probleem met rooibos was namelijk dat het vinden van zaden een van de moeilijkere obstakels was in de rooibos teelt. 

Zoals gezegd produceert elke bloem één vruchtje met een enkel zaadje die er uit springt wanneer deze rijp is. Deze land vervolgens op de droge grond rondom de plant. De eerste verzamelaars van wilde rooibos ontdekten dat mieren die zaden verzamelden. Om niet steeds met lege handen te staan jaagden de verzamelaars op de mieren.

Tegenwoordig zeven de boeren de droge grond dus rondom de rooibosplant. Hierna worden de zaden bewerkt met metaalschijven om het ontkiemingspotentieel te verhogen van 30% naar 95%. Na het zaaien in het volgende jaar, duurt het nog zo´n 18 maanden voordat het zaadje is uitgegroeid tot een oogstklare rooibosplant.